Al vóórdat Hanna in verwachting is van Samuel, voelt zij dat haar zoon een bijzondere taak van God krijgt. Zij brengt hem als hij nog een klein jongetje is, naar de tempel. Daar groeit hij op bij Eli, de hogepriester en krijgt hij ook zelf een roeping van God.
Hoe wordt de jonge Samuel door God geroepen?
De jonge Samuel slaapt in het heiligdom van de HEER vlak bij de ark van het verbond. Op een nacht hoort hij een stem die zijn naam roept. Hij denkt dat de oude priester Eli hem roept, en gaat naar hem toe. Eli heeft niet geroepen. Dit herhaalt zich nog twee keer en dan realiseert Eli zich dat het de HEER is die Samuel roept. Hij zegt Samuel wat hij moet doen. Als God Samuel dan voor de vierde keer roept zegt Samuel: “Spreek, uw dienaar luistert." En dan spreekt God verder met Samuel.
Ester is een Joods meisje dat door koning Ahasveros tot koningin is gekozen tijdens de ballingschap in Babylonië. Zij loopt, met haar volk, gevaar om gedood te worden door een listig plan van Haman, de Jodenhater.
Hoe komt er een einde aan het leven van Haman?
Haman werd opgehangen aan de paal die hij voor Mordechai had bestemd. Hier geldt het spreekwoord: "Wie een kuil graaft voor een ander, valt er zelf in."
Jona is een profeet. Hij krijgt van de HEER de opdracht om naar de grote stad Nineve te gaan, maar heeft daar niet veel zin in.
Hij vlucht per schip de andere kant op, naar ........ .
In het Bijbelboek Jona staat het verhaal over deze profeet. De HEER zegt dat hij naar Nineve moet gaan, maar Jona maakt een andere keuze. De Bijbel zegt: "En Jona maakte zich gereed, maar vluchtte naar Tarsis, weg van de HEER."
Paulus heeft de christenen vervolgd. Na zijn bekering heeft hij veel gereisd en brieven geschreven.
WAAR of NIET WAAR: Paulus is op weg naar Damascus om christenen gevangen te nemen, als hij onderweg de stem van Jezus hoort.
Paulus (hij heette toen nog Saulus) was fanatiek in het oppakken van christenen. Onderweg naar Damascus werd hij omstraald door een licht uit de hemel en hoorde hij een stem die vroeg: "Saul, Saul, waarom vervolg je Mij?" Op de vraag 'wie ben U, Heer?', kreeg Paulus als antwoord: "Ik ben Jezus, die jij vervolgt."