Jozua mag het volk Israël, dat veertig jaar door de woestijn heeft getrokken, naar het beloofde land brengen.
Van wie neemt Jozua deze taak over?
In het Bijbelboek Exodus staat dat Mozes van de HEER de opdracht krijgt het volk Israël uit Egypte mee te nemen de woestijn in, op weg naar het beloofde land. Vlak voordat ze dit land binnengaan moet Mozes deze taak overdragen aan Jozua (Deuteronomium 31:14). Aäron is de broer van Mozes; Jozef is degene die door zijn broers in een put gegooid werd (Genesis 37) en Abraham is de eerste aartsvader van het volk Israël (Genesis 12).
De Psalmen, in het Oude Testament van de Bijbel, zijn liederen.
Psalm 150, de laatste psalm, is een oproep om de HEER overal te loven en dit te doen met verschillende muziekinstrumenten.
Maar de slotzin luidt: " ........ , loof de HEER. Halleluja!"
De oproep 'Loof de HEER' geldt voor iedereen.
Een van de vier evangeliën in het Nieuwe Testament van de Bijbel is geschreven door Marcus. Hij vertelt over Johannes de Doper, die mensen doopte in de Jordaan.
Mensen lieten zich door hem dopen om ........ te krijgen.
Johannes riep de mensen op om zich te laten dopen en tot inkeer te komen, om zo vergeving van zonden te krijgen (Marcus 1:4).
Paulus heeft de christenen vervolgd. Na zijn bekering heeft hij veel gereisd en brieven geschreven. Hij geeft de christenen in Rome aanwijzingen voor hun levenswandel.
Zo zegt hij bijvoorbeeld: "Laat u niet overwinnen door het kwade, maar overwin het kwade ........ ."
De Bijbel zegt: "Laat u niet overwinnen door het kwade, maar overwin het kwade door het goede."