|
0 actieve gebruikers Inloggen bestaande gebruiker Aanmelden nieuwe gebruiker Naar mobiele versie |
||||
In het Bijbelboek Leviticus wordt geschreven over de tabernakel.
Wie mocht(en) binnengaan in het allerheiligste deel van die tabernakel?
Aäron werd door God aangesteld als hogepriester en alleen hij mocht het allerheiligste (het heilige der heiligen) binnengaan.
Later ging dit over op zijn zoon Eleazar.
Zie Numeri 20:22 e.v.
Het Bijbelboek Prediker is genoemd naar de schrijver ervan, die zichzelf 'de prediker' noemt. Hij is de zoon van een bekende koning van Israël.
Van welke?
De Bijbel zegt: "Hier volgen de woorden van Prediker, zoon van David en koning in Jeruzalem."
Abraham en Mozes waren geen koningen van Israël.
Saul had wel een zoon, maar die is nooit koning geworden.
David volgde namelijk Saul op.
Maria en Jozef raken na het pesachfeest de twaalfjarige Jezus kwijt.
Ze kunnen Hem niet vinden onder het reisgezelschap en keren dan terug naar Jeruzalem om Hem daar te zoeken.
Na ........ vinden ze Hem terug.
Ze vonden Hem na drie dagen zoeken in de tempel terug, waar Hij tussen de leraren zat, terwijl Hij naar hen luisterde en hun vragen stelde.
Zie Lucas 2:41-46.
De brief aan de Hebreeën bevat een schat aan informatie. Alleen al in de eerste paar verzen wordt veel gezegd over Jezus.
Welke van de onderstaande getuigenissen over Jezus staat niet aan het begin van de brief?
Jezus als de hogepriester wordt pas later in de brief vermeld. Jezus is, als afdruk van Gods wezen (zijn evenbeeld), verheven boven de engelen en heeft in de hemel plaatsgenomen aan de rechterhand van God.

© 2015 - Martin van Toll Producties |